naar hoofdinhoud
Huib Koeleman Logo

Niet de koplopers, maar de groep bepaalt de verandering

Auteur Huib Koeleman
koeien in de wei

Het belang van betekenis geven bij waardentrajecten

Ik kom het vaker tegen. Na een intern proces waarbij de waarden zorgvuldig zijn geformuleerd is het tijd voor de brede introductie. Een mooi vormgegeven campagne, een video van de directie, een artikel op intranet. De waarden worden gelanceerd. Er is aandacht, er is energie. En dan… wordt het stil. Niet omdat de waarden slecht zijn. Maar omdat de organisatie na de lancering niet weet wat ze daarna moet doen. En medewerkers al helemaal niet. Dat is de valkuil na de introductie: je hebt de waarden bekendgemaakt, maar bekendheid is geen betekenis.

Drie verschillende fasen

In mijn werk gebruik ik vaak de volgende driedeling bij veranderingen[1]: Fase 1 gaat over kennen van de verandering. Fase 2 gaat een slag dieper: over het geven van betekenis aan de verandering. En in fase 3 gaat het om de echte gedragsverandering, inclusief trainingen en feedback. Deze driedeling geldt ook voor het tot leven brengen van waarden. Het breed bekendmaken van de waarden krijgt veel aandacht (fase 1), maar de tweede fase wordt het meest onderschat. Organisaties denken dat ze klaar zijn zodra medewerkers de waarden kunnen opnoemen. Of ze schieten meteen door naar gedragsverandering, alsof mensen van de ene dag op de andere anders gaan handelen. Beide zijn vergissingen.

Fase 2: betekenis geven

Fase 2 is de tussenfase waarin waarden van papier naar de eigen praktijk worden vertaald. Medewerkers kennen de waarden, maar onderzoeken nu wat ze daadwerkelijk betekenen. Voor hun eigen werk. Voor hun team. Of voor de momenten waarop het schuurt. In die fase ontstaat het gesprek, en landen de waarden. En dat vraagt tijd en aandacht.
 
Deze fase wordt vaak overgeslagen omdat het ongemakkelijk is. Het vraagt niet om een campagne of een lanceermoment, maar om geduld en gesprek. Communicatieafdelingen weten wel hoe ze iets bekendmaken. Maar betekenis geven? Dat vraagt om een andere aanpak, en die is minder grijpbaar. En dus wordt fase 1 uitgebreid, en fase 3 alvast voorbereid, terwijl fase 2 ertussenin verdwijnt.

Richt je niet op de enthousiaste voorhoede

Bij veel verandertrajecten gaat de meeste aandacht uit naar de ambassadeurs. De mensen die meteen willen meedenken en vooruitlopen. Ik begrijp wel waarom. Deze ambassadeursgroep is zichtbaar, energiek en makkelijk om mee samen te werken. Maar zij zijn niet bepalend voor het succes van de verandering. Ambassadeurs en voorlopers hebben andere verwachtingen bij een veranderproces dan de groep late volgers . Ambassadeurs en interne influencers houden van experimenteren en van buiten de lijntjes kleuren.
 
Maar dat geldt niet voor de middengroep. De middengroep is bepalend omdat zij de norm zijn. Niet de uitzondering. Als zij de waarden gaan gebruiken in hun dagelijkse werk, verschuift de organisatiecultuur merkbaar. Als zij afhaken, blijven de waarden eigendom van een kleine enthousiaste voorhoede. Voorlopers zetten de toon, maar de middengroep bepaalt of die toon ook de organisatienorm wordt.

Het belang van de middengroep

Ambassadeurs zijn waardevol bij de lancering. Ze creëren energie, maken de waarden zichtbaar en helpen het gesprek op gang. Maar zodra je naar fase 2 gaat, moeten ze een andere rol aannemen: niet meer als boegbeeld, maar als bruggenbouwer naar het midden. Niet als voorvechters van de verandering, maar als gesprekspartners die twijfel serieus nemen en waarden concreet maken in de praktijk van hun collega’s. Ze kennen de wandelgangen, ze weten wie de stille krachten zijn, ze kunnen informele gesprekken voeren die een communicatieafdeling nooit kan voeren.
 
De echte opgave zit bij het neutrale midden. Dat zijn geen tegenstanders. Het zijn medewerkers die best willen, maar die nog niet weten wat de waarden voor hen betekenen. Ze hebben geen behoefte aan een nieuwe campagne of een nieuwe bijeenkomst. Ze willen weten: wat heeft dit met mijn werk te maken? En mag ik ook twijfelen? Ontwerp fase 2 voor deze groep. Niet voor de mensen die zichzelf wel redden.

Ga verder dan informeren

De kern van fase 2 richting het midden is bruikbaarheid, niet awareness. Neem een waarde als “verantwoordelijk”. Wat betekent dat in een team? Is verantwoordelijk zijn dat je alles zelf oplost? Of juist dat je op tijd hulp vraagt? Wanneer sla je erin door? Dat soort vragen bespreken brengt waarden tot leven. Niet een herhaling van het logo en de kernwaarden op een poster.
 
Een teamleider in de zorg zei het treffend in een gesprekssessie: “Ik dacht dat verantwoordelijk zijn betekende dat ik nooit om hulp mocht vragen. Totdat we er als team over spraken.” Dat gesprek deed meer dan drie intranetartikelen. Niet omdat de waarde veranderde, maar omdat ze ineens van hem was.

Voorkom een extra communicatielaag.  

Nog een nieuwsbrief. Een extra campagne-uiting. Nog een los moment boven op het gewone werk. Voor het stille midden werkt dat averechts. Waarden kunnen voor de middengroep het beste worden verweven met bestaande processen en momenten: in het werkoverleg, het teamgesprek, leiderschapsbijeenkomsten of de onboarding. Niet als zware opdracht, maar als bruikbare taal die terugkomt in het ritme van de organisatie.
Behandel bijvoorbeeld elke maand één centrale waarde, met één concrete vraag. Maak gesprekskaarten voor leidinggevenden. Schrijf korte verhalen van medewerkers over situaties waarin een waarde wél of juist níet zichtbaar was. Zo slijten waarden in door herhaalde toepassing, niet door herhaalde zending.

Medewerkers zijn de organisatie

Zij geven de waarden elke dag betekenis in hun werk. En zij zien ook waar het schuurt. Waar de organisatie haar eigen waarden nog niet waarmaakt. Betrek ze daar actief bij. Niet als klassiek klankbord achteraf, maar als spiegel tijdens het proces. Werk met kleine focusgroepen. Of met “speurneuzen”: medewerkers die verhalen uit de praktijk ophalen. Waar worden de waarden al zichtbaar? Waar juist niet? De beste bronnen zijn vaak niet de mensen die graag op een podium staan. Soms zijn het de stille krachten in de organisatie die het meest zien.

De rol van leidinggevenden: houvast, geen extra last

Leidinggevenden spelen een sleutelrol in fase 2. Niet omdat ze er een veranderopdracht bij moeten krijgen, maar omdat zij de waarden kunnen verbinden met hun dagelijkse werk. Maar dan moet je ze wel ontzorgen. Geen dikke handreiking. Geen uitgebreide toolkit die in een la verdwijnt. Geef ze kant-en-klare bouwstenen: een gespreksvraag, een dilemma, een kort voorbeeldverhaal dat ze kunnen gebruiken in het teamoverleg.
De vraag is niet: hoe zorgen we dat leidinggevenden de campagne uitrollen? De vraag is: hoe helpen we hen een goed gesprek te voeren?

Ruimte voor twijfel en wrijving

Een waardenaanpak die alleen consensusverhalen toont, overtuigt niemand. Zeker het stille midden niet. Waarden worden pas geloofwaardig als er ook ruimte is voor schuring. Waar lukt het nog niet? Staan waarden op gespannen voet met werkdruk, regels of gewoontes? Waar zeggen we het één en doen we iets anders?
Dat is geen zwakte. Dat is precies de plek waar betekenis ontstaat. Als medewerkers merken dat hun twijfels serieus worden genomen, wordt het gesprek eerlijker. En daarmee sterker.

Wanneer is fase 2 geslaagd?

Fase 2 is geslaagd als de waarden geen woorden meer zijn, maar spreektaal worden. Als medewerkers ze in hun werk herkennen. Leidinggevenden ze kunnen gebruiken zonder dat het geforceerd voelt. Teams voorbeelden kunnen noemen. Als er vragen ontstaan. Als iemand durft te zeggen: hier doen we het al goed, en hier maken we het nog niet waar. Het gaat niet om perfecte gedragsverandering. Nog niet. Het gaat erom dat de organisatie op weg raakt. Waarden die alleen bekend zijn, doen weinig. Waarden die betekenis krijgen, worden een kompas.
 
 
Huib Koeleman
 

[1] Lees ook mijn boek Verandercommunicatie

Gerelateerde items

Naar de kennisbank